Psalm 119 vers 27
Psalmberijming 1773 · vers 27 van 88
Daar ik moet zien, hoe snoodaards Uwe wet
Verlaten, heeft beroering mij bevangen;
Maar van het recht, dat Gij hebt ingezet,
Heb ik gemaakt mijn blijde lofgezangen;
In vreemdlingschap heeft niets die vreugd belet,
Wat nijpend leed daar mijn gemoed mocht prangen.
Lees de hele Psalm 119 met alle 88 verzen, of bekijk Nieuwe berijming 1973 . Let op: de verzen zijn per bundel anders genummerd.