- Bijbelbox
- Psalmberijming 1773
- Psalm 128
Psalm 128
Psalmberijming 1773 · 4 verzen
U mag men zalig heten,
Dien 's Heeren vrees bekoort;
Die, met een goed geweten,
Steeds wandelt naar Zijn woord.
Gij zult uw nooddruft vinden
Door d' arbeid van uw hand;
Wat g' u moogt onderwinden,
Komt naar uw wens tot stand.
Uw echtvriendin zal bloeien,
Gelijk een wijnstok tiert,
Die, vruchtrijk onder 't groeien,
Uw huismuur dekt en siert.
Niets zal uw welvaart stuiten;
Uw kroost zal blij en fris,
Als groen' olijvenspruiten,
Versieren uwen dis.
Dit lot is u beschoren,
Zo gij, met diep ontzag,
Naar 's Heeren wet blijft horen;
Voor u zal, dag aan dag,
Het heil uit Sion vloeien:
Gij zult, zolang gij leeft,
Jeruzalem zien bloeien,
't Welk God Zijn zegen geeft.
Blijft gij op Hem betrouwen,
Dan zult gij, op uw bee
't Kroost van uw kroost aanschouwen;
In Israel zij vree.
Ook lezen in de Nieuwe berijming 1973 .